Krakatau en de Straat Soenda (1884)

De herinnering aan de ontzettende ramp, die in Augustus 1883 het eiland Krakatau en de naastbij gelegen kusten van Java en Sumatra getroffen heeft, is - zoo als het altijd gaat - door den stroom van latere gebeurtenissen en indrukken uitgewischt. Toch mogen wij wel aannemen dat zij nog niet zoo geheel verdwenen zal zijn, of de lezers van ons tijdschrift zullen met belangstelling kennis nemen van het volgende verhaal van den heer Edmond Cotteau, die ingevolge opdracht van de fransche regeering, eenige maanden na de ramp, de door de uitbarsting geteisterde streken heeft bezocht en van zijne bevindingen mededeeling gedaan. Van de uitbarsting zelve is niemand der nog levenden getuige geweest; maar uit de verwoestingen, door haar aangericht, kunnen wij eenigermate afleiden, welk schouwspel het noodlottige eiland en de omliggende streek op die vreeselijke Augustusdagen moeten hebben opgeleverd. Wij laten thans het woord aan den heer Cotteau. [verder lezen »]


De Solosche Kraton (1930)

De wijde aloon-aloon, vóór de eerbiedwaardige kraton, ligt nog in het jonge morgenlicht. De waringin werpt een lange schaduw naar het Westen, maar reeds is alles vol leven en bewegen. De congressisten en de gasten van het Java-instituut rijden aan, om een bezoek te brengen aan den aiouden vorstenhof, waartoe zij zich verzamelen voor de sitinggil, aan de Noordzijde.

Deze kraton is, aldus de Oosthoek redacteur van de Indische Crt., reeds oud. Hij werd gesticht in 1745 door den Soenan Pakoeboewono II. Vele geslachten hebben hem reeds bewoond, acht achtereenvolgende vorsten.

Natuurlijk is hij veel veranderd, [verder lezen »].


Reisherinneringen van een bestuursambtenaar in Zuid-Celebes (1918)

Tot de minst bezochte gebieden van het zuid-westelijk schiereiland van Celebes behoort ongetwijfeld de zuid-oostelijke hoek daarvan, waar men op de kaart het oude regentschap Bira vindt. In een uithoek van het schiereiland gelegen, ver van de groote verkeerswegen verwijderd, slechts te bereiken door een vrij ontoegankelijk terrein, wordt deze om verschillende redenen toch zoo merkwaardige streek uiterst zelden door europeanen bezocht. Het bezoeken van dit tot de Assistent-Residentie Bonthain ressorteerende regentschap, was het doel van onze reis.

Aangezien deze tournee niet alleen uit een dienstoogpunt werd ondernomen, doch het ook de bedoeling was onderweg de genoegens van de jacht na te streven, hadden zich een paar vrienden aangesloten om den tocht mede te maken.

Het uitgangspunt, waar het gezelschap samenkwam, was [verder lezen »].


Batavia en de Opstand van Jonker (1689)

Een twist, tusschen den Raad van Indië St. Martin en zekeren Kapitein Jonker ontstaan, veroorzaakte in het jaar 1689 eenen kleinen oorlog in den omtrek van Batavia.

De eerste, door laatstgemelde, in het jaar 1680, niet ten onregte bij de Maatschappij van traagheid in het ondersteunen van Hadji, Koning van Bantam, aangeklaagd, had reeds onderscheidene middelen beproefd, om dien Kapitein eenige beleediging aan te doen; doch vond daartoe eerste gelegenheid in het jaar 1689, toen Jonker, te gelijk met den Balischen Kapitein Boelling, die weleer zijn slaaf geweest was, ten huize van St. Martin kwam; deze deed den Baliër eenen stoel geven, en liet Kapitein Jonker staan, die zoodanigen hoon met reden ten uiterste kwalijk nam, en van de Hooge Regering voldoening vorderde. Deze antwoorde, dat St. Martin voorzeker verkeerd had gehandeld, maar [verder lezen »].




naar boven (top)